Tekst 1 november 2017

Deze avond wordt begeleid door Tineke. Ze volgt op dit moment de opleiding Boeddhistische psychologie die door Dharama-leraar Cuong Lu wordt gegeven.

 

Dit schrijft ze over de inhoud van de avond:

'toen ik erover nadacht en me afvroeg over welk onderwerp ik iets zou willen vertellen kwam ik al snel uit bij de tekst van vorige keer. Die is me uit het hart gegrepen en bijzonder kernachtig; de ontdekking van vergankelijkheid, zelfloosheid en onderlinge afhankelijkheid. Omdat we daar op doorgaan lijkt het me fijn om deze avond te begeleiden en het accent dan meer op de zelfloosheid te leggen, te meer omdat we daar in de opleiding ook mee bezig zijn.'


De Boeddha zei je hebt geen zelf. Hij zei niet je bestaat niet.

Uit: 'In de geest van liefde' van Thich Nhat Hanh

 

‘Bodhisattva Avalokita, zich bewegende in de stroom van volmaakte wijsheid, doorlichtte de vijf aggregaten en bevond ze alle even leeg.’

 

Avalokita zag dat de vijf aggregaten leeg waren. (De vijf aggregaten zijn: lichaam - in het soetra genoemd ‘vorm’- , gevoel, waarneming, werking van de geest en bewustzijn.) Avalokita zag dat alle verschijnselen leeg waren. Maar, leeg waarván? Het sleutelwoord is leeg. Leeg zijn is ergens leeg van zijn. Als ik een kop water in mijn hand houd en ik vraag jou: ‘Is deze kop leeg?’, zul je zeggen: ‘Nee, hij is vol van water’. En laat ik het water eruit lopen en vraag ik het je nogmaals, dan zul waarschijnlijk zeggen: ‘Ja, nu is hij leeg’. Maar… leeg waarvan? ’Leeg’ betekent leeg van iets. Het kopje kan niet leeg zijn van niets. ‘Leeg’ heeft alleen maar betekenis als je weet waarvan. Mijn kopje is leeg van water, maar niet van lucht. Leeg zijn is leeg van iets. Dit is een hele ontdekking. Als Avalokita zegt dat de aggregaten alle vijf even leeg zijn, moeten we om hem te helpen precies te zijn, vragen: Mijnheer Avalokita, leeg waarván?

 

     De vijf skanda’s – soms letterlijk vertaald als de vijf opeenhopingen of de vijf aggregaten – zijn de vijf elementen waaruit een menselijk wezen bestaan. Eigenlijk stromen er vijf rivieren in ons: de rivier van vorm, dat wil zeggen ons lichaaam, de rivier van gevoelens, de rivier van waarnemingen, de rivier van de werkingen van de geest en de rivier van bewustzijn. Deze zijn in ons voortdurend in beweging. En toen Avalokita de natuur van deze vijf rivieren diep schouwde, zag hij plotseling dat ze alle vijf leeg waren. En als we dan vragen: ‘Leeg waarván?, moet hij een antwoord hebben. Zijn antwoord luidde: ‘Leeg van een afzonderlijk zelf.’ Dit betekent dat geen van deze vijf rivieren op zichzelf kan bestaan. Elk van de vijf rivieren wordt gemaakt door de andere vier. Ze moeten co-existeren; ze moeten inter-zijn met alle andere.

 

     In ons lichaam hebben we longen, een hart, nieren, een maag, bloed, enzovoorts. Maar geen van deze organen kan op zichzelf bestaan. De longen halen lucht binnen en verrijken het bloed, terwijl het bloed op zijn beurt de longen voedt. Zonder bloed kunnen de longen niet leven en zonder longen kan het bloed niet worden gezuiverd. Longen en bloed inter-zijn. Hetzelfde geldt voor nieren en bloed, longen en hart, bloed en hart, enzovoort.

 

‘Nadat hij (Avalokita) hiervan doordrongen was, kwam hij alle pijn te boven.

 

Uit: ‘Vorm is leegte, leegte is vorm’ van Thich Nath Hanh