Stamboom

Na zijn verlichting heeft de Boeddha besloten om zijn inzicht door te geven aan de volgende generaties. Iedere generatie heeft de taak om zijn inzicht op een gepaste wijze te vertalen zodat de Dharma (Boeddha's leer) altijd levendig blijft.

 

Er werd verteld dat Maha Kassapa het inzicht van de Boeddha begreep toen deze op de Gṛdhrakūṭa Berg een lotus in zijn hand hield en niets zei. Iedereen wachtte op zijn lezing, alleen Maha Kassapa glimlachte. Maha Kassapa begreep het inzicht zonder inzicht, de Dharma zonder Dharma. Hij werd daarmee de voortzetter van de Boeddha en volgens de Zen traditie als de eerste Zen Patriarch gezien.

 

Ananda, de persoonlijke assistent van de Boeddha, werd de tweede Zen Patriarch. De veertiende Zen Patriach was Nagarjuna. Ook Nagarjuna was bijzonder in het vertalen van het inzicht van de Boeddha. Nargarjuna was de grondlegger van de Boeddhistische Filosofie. De 21ste Zen Patriarch was Vasubandhu, de grondlegger van de Boeddhistische Psychologie.

 

De 80ste Zen Patriarch is Thich Nhat Hanh, de grondlegger van mindfulness zoals we dat nu in het westen kennen.

 

De honderden monastieke en leken Dharma-leraren - als de voortzetters van Thich Nhat Hanh - behoren tot de Dharma-lijn die ongebroken doorgegeven is vanaf de Boeddha. Het is hun taak om het inzicht op een levendige manier door te geven. Ze hebben hun wortels in de Boeddha, Nagarjuna, Vasubandhu en Thich Nhat Hanh zoals te zien is in de stamboom hieronder, met dank aan Dharma-leraar Cuong Lu.